NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Taken van de preventieadviseur

Toelichting over artikel 7 van het koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende de Interne Dienst voor preventie en bescherming op het Werk

Vraag 1

In artikel 7, § 1, 1°, f) wordt bepaald dat de preventieadviseur zelf analyses of controles moet uitvoeren of laten uitvoeren onder de voorwaarden bepaald door de wet en de uitvoeringsbesluiten. Worden hiermee de controles bedoeld die door erkende organismen moeten uitgevoerd worden of ook nog andere controles?

Antwoord 1

Men kan verschillende soorten controles onderscheiden:

  • controles die opgelegd zijn door het ARAB, AREI of uitvoeringsbesluiten van de welzijnswet en door erkende organismen of laboratoria moeten uitgevoerd worden;
  • controles die opgelegd zijn door voormelde reglementeringen en door deskundigen moeten uitgevoerd worden;
  • controles die niet expliciet opgelegd worden door één van de voormelde reglementeringen, maar die noodzakelijk zijn om na te gaan of een toestel of een installatie zich nog in goede staat bevindt en veilig kan werken;
  • controles die opgelegd worden door andere reglementeringen en die gevolgen voor de veiligheid en gezondheid kunnen hebben wanneer ze niet of slecht worden uitgevoerd.

Het is de taak van de preventieadviseur de werkgever erop te wijzen dat deze controles moeten uitgevoerd worden. De preventieadviseur kan eventueel zelf de controles bedoeld in de laatste drie punten uitvoeren, indien hij over de nodige deskundigheid beschikt.


Vraag 2

Artikel 7, § 1, 2°, b) bepaalt dat de preventieadviseur er moet voor zorgen dat een jaarverslag moet opgesteld worden volgens bijlage III van het besluit. In de bijlage III moeten inlichtingen gegeven worden over de onderneming. Wat verstaat men onder "onderneming" in dit geval ? Moet er voor elke afdeling van de interne dienst een jaarverslag opgesteld worden ?

Antwoord 2

Met onderneming wordt technische bedrijfseenheid bedoeld. Voor elke afdeling van de interne dienst moet een jaarverslag opgesteld worden.


Vraag 3

Artikel 7, § 1, 3° legt op dat de preventieadviseur de documenten moet opstellen in het kader van de aankoop en het gebruik van arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen. Is men hier de collectieve beschermingsmiddelen vergeten ? Is deze bepaling niet in tegenspraak met het KB van 12 augustus 1993 betreffende het gebruik van arbeidsmiddelen ?

Antwoord 3

De collectieve beschermingsmiddelen zijn opgenomen in art. 54quater 3.1 van het ARAB, dat niet is opgeheven. Wegens juridisch technische redenen heeft men voor deze oplossing gekozen. Voor collectieve beschermingsmiddelen bestaat nog geen apart "codex besluit". Om te vermijden dat men de volledige tekst van art. 54quater 3.1 in het KB Interne diensten zou moeten schrijven, heeft men er voor gekozen de tekst in het ARAB te laten staan.

In het KB arbeidsmiddelen is de aankoopprocedure beperkt tot machines, installaties en gemechaniseerde werktuigen. Wanneer het KB Interne diensten verwijst naar de documenten in het kader van de aankoop van arbeidsmiddelen, verwijst het naar de regeling voorzien in het KB arbeidsmiddelen.


Vraag 4

Hoe moet het onderzoek van arbeidsongevallen gebeuren ? Wat is de rol van de interne dienst ?

Antwoord 4

Artikel 5, 2de lid, 2° zegt dat de interne dienst de opdracht heeft deel te nemen aan de studie van de oorzaken van arbeidsongevallen en artikel 7, §1, 1°,d bepaalt dat de interne dienst als taak heeft arbeidsongevallen te onderzoeken.

Deze opdracht en taak zijn volgens artikel 9 in bedrijven van groep A en B niet verplicht door de interne dienst uit te voeren: ze mogen dus ofwel steeds door de interne dienst uitgevoerd worden, indien deze daarvoor over de nodige bekwaamheid beschikt, ofwel steeds toevertrouwd worden aan een externe dienst. Het is ook mogelijk dat in bepaalde gevallen de interne dienst het onderzoek zelf zal doen en in andere gevallen de externe dienst. In elk geval moet in het identificatiedocument, bedoeld in artikel 8, worden aangegeven in welke gevallen de interne dienst het onderzoek zelf verricht en moet het Comité PBW in toepassing van artikel 14 daarover advies geven.

Samengevat moet het onderzoek van arbeidsongevallen in de verschillende groepen van bedrijven gebeuren volgens het volgende schema:

Schema verschillende groepen van bedrijven

 A en B

Vrije keuze, mits inachtname van art. 8 en 14.

 C

Onderzoek moet gebeuren door externe dienst, indien arbeidsongeval meer dan 3 dagen arbeidsongeschiktheid meebrengt en de preventieadviseur geen aanvullende vorming heeft. 

 D

Onderzoek moet steeds gebeuren door externe dienst, indien arbeidsongeval meer dan 3 dagen arbeidsongeschiktheid meebrengt.

    

Bijkomende inlichtingen 

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites