NL | FR | EN
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Start- en stagebonus


/uploadedImages/A-Z/picto_6.jpgOpgelet!  Deze pagina bevat informatie over een bevoegdheid die op 1 juli 2014 geheel of gedeeltelijk is overgedragen naar de gefedereerde entiteiten.   

 U vindt hierover meer informatie op de pagina De zesde staatshervorming: overdracht van bepaalde federale bevoegdheden inzake arbeidsmarktbeleid naar de gemeenschappen en gewesten. 

Waarover gaat het ?

De startbonus

De startbonus is een premie voor jongeren die tijdens de leerplicht (± <18 jaar) in het kader van een alternerende opleiding de praktijk aanleren of werkervaring opdoen bij een werkgever.

De opleidings- of arbeidsovereenkomst die hiervoor wordt gesloten moet een voorziene duur hebben van minstens 4 maanden.
Met opleidingsovereenkomst wordt bedoeld:  alle types leerovereenkomsten, de inschakelings- en de beroepsinlevingsovereenkomsten.  Voorbeelden van inschakelingsovereenkomsten zijn de overeenkomsten in het kader van de Brugprojecten en de overeenkomsten voor socioprofessionele inschakeling (Franse Gemeenschap).

De bonus wordt toegekend voor maximum 3 opleidingsjaren binnen 1 enkele opleidingscyclus (= 1 opleiding met 1 enkele finaliteit).

Eventueel kan de jongere in het kader van één opleiding meerdere opleidings- of arbeidsovereenkomsten sluiten, al dan niet met meerdere werkgevers.  Het is niet nodig dat die overeenkomsten mekaar zonder onderbreking opvolgen.

Het 2de en/of 3de opleidingsjaar mag (mogen) na het einde van de leerplicht vallen en geven recht op de startbonus wanneer de opleidings- of arbeidsovereenkomst aanving vóór het einde van de leerplicht.

Telkens wanneer de jongere slaagt in een opleidingsjaar, heeft hij recht op een bonus.

Voor een 1ste of 2de jaar bedraagt die bonus 500 euro, voor een 3de jaar gaat het om een premie van 750 euro.

De stagebonus

De stagebonus is een premie voor elke werkgever die een jongere, zoals hiervoor beschreven, opleidt of tewerkstelt in het kader van een opleidings- of arbeidsovereenkomst.

Net zoals de startbonus wordt de stagebonus toegekend voor maximum 3 opleidingsjaren binnen 1 enkele opleidingscyclus (= 1 opleiding met 1 enkele finaliteit).

Voor de toekenning van de stagebonus mag (mogen) het 2de en/of 3de opleidingsjaar na de leerplicht vallen, op voorwaarde dat de opleidings- of arbeidsovereenkomst aanving vóór het einde van de leerplicht.

De bedragen van de stagebonus zijn gelijk aan die van de startbonus.

De stagebonus wordt toegekend wanneer de jongere een opleidingsjaar beëindigt;  om deze bonus te krijgen is het niet nodig dat de jongere slaagt.

Wordt de overeenkomst vroegtijdig stopgezet, dan krijgt de werkgever slechts een stagebonus indien de overeenkomst gedurende minstens 3 maanden in de loop van het opleidingsjaar in kwestie werd uitgevoerd.

Formaliteiten bij aanvang

De bevoegde dienst

Alle aanvragen in verband met de start- en stagebonussen moeten ingediend worden bij het werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA) dat bevoegd is voor de woonplaats van de jongere.  Zie http://www.rva.be voor de adressen van deze bureaus (rechtsboven op de Nederlandse onthaalpagina, onder “De RVA”, klikken op “Kantoren”) en voor het standaardaanvraagformulier (op de Nederlandse onthaalpagina, onder "Tewerkstelling" klikken op "Startbonus en stagebonus").

De RVA staat in voor alle nodige betalingen.

Het globaal aanvraagdossier bij aanvang

Nadat de werkgever en de jongeren de opleidings- of arbeidsovereenkomst gesloten hebben, moet een globaal aanvraagdossier opgemaakt worden voor beide bonussen samen.
Dit dossier bevat:

  • de identificatiegegevens van de werkgever en jongere en de rekeningnummers waarop hun bonus gestort moet worden;
  • een kopie van de opleidings- of arbeidsovereenkomst;
  • een attest van de betrokken onderwijs- of opleidingsinstelling, waarop volgende zaken staan:
    • de benaming en finaliteit van de alternerende opleiding;
    • de begin- en einddatum van de opleidingscyclus;
    • de einddatum van elk opleidingsjaar;
    • de tijdstippen waarop de evaluatie van elk opleidingsjaar voorzien wordt.
     

Als de jongere van werkgever verandert, moet een nieuw globaal aanvraagdossier ingediend worden.  In dit geval vermeldt het attest van de betrokken onderwijs- of opleidingsinstelling dat het gaat om de voortzetting van een praktijkopleiding of tewerkstelling in het kader van een alternerende opleiding waarvoor reeds eerder een aanvraagdossier werd ingediend.

Het globaal aanvraagdossier moet ondertekend worden door de werkgever, de jongere en zijn wettelijke vertegenwoordiger.

Het dossier moet binnen de 3 maanden na de aanvang van de opleidings- of arbeidsovereenkomst op het bevoegd werkloosheidsbureau toekomen, zoniet komt die opleiding NIET meer in aanmerking voor de toekenning van de twee bonussen.
Voor overeenkomsten die gestart zijn tussen 1 juli en 7 september 2006 (de datum van publicatie van het koninklijk besluit van 1 september 2006 betreffende de start- en stagebonus), begint deze driemaandentermijn pas te lopen vanaf 7 september 2006.  In dergelijke gevallen heeft men met andere woorden tot 6 december 2006 de tijd om een aanvraagdossier in te dienen.

Na ontvangst van een volledig aanvraagdossier bezorgt het werkloosheidsbureau aan de jongere en de werkgever een document dat de tijdstippen vermeldt waarop hun bonussen voor de opleiding in kwestie normaal gezien zullen uitbetaald worden, rekening houdend met de gegevens op het attest van de onderwijs- of opleidingsinstelling.

Betaling van de bonussen

Uitbetaling van de startbonus

Om de startbonus voor een bepaald opleidingsjaar te krijgen moet de jongere een specifieke aanvraag indienen bij zijn werkloosheidsbureau, binnen de 4 maanden na afloop van dat opleidingsjaar.
Is deze termijn verstreken, dan kan de bonus voor dat opleidingsjaar niet meer uitbetaald worden.

De jongere moet bij zijn aanvraag een attest van de onderwijs- of opleidingsinstelling voegen om aan te tonen dat hij met succes het opleidingsjaar in kwestie beëindigd heeft.

Naargelang de duur van de alternerende opleiding (en naargelang hij slaagt) zal de jongere zo’n aanvraag één, twee of drie keer moeten doen.

Uitbetaling van de stagebonus

Om de stagebonus voor een bepaald opleidingsjaar te krijgen moet de werkgever een specifieke aanvraag indienen bij het bevoegd werkloosheidsbureau, binnen de 4 maanden na afloop van dat opleidingsjaar.
Is deze termijn verstreken, dan kan de bonus voor dat opleidingsjaar niet meer uitbetaald worden.

De werkgever moet bij zijn aanvraag een attest van de onderwijs- of opleidingsinstelling voegen om aan te tonen dat de jongere het opleidingsjaar in kwestie beëindigd heeft.

Wanneer de alternerende opleiding vroegtijdig werd stopgezet, vermeldt dit attest de effectieve einddatum ervan.  In dit geval begint de termijn van 4 maanden te lopen vanaf die datum.

Naargelang de duur van de alternerende opleiding zal de werkgever één, twee of drie keer zo’n aanvraag moeten indienen.

Bijkomend fiscaal voordeel voor de werkgever

Bovenop de stagebonus kan elke betrokken werkgever ook van een fiscaal voordeel genieten.

Zijn belastbare winsten en baten worden vrijgesteld naar rato van 20% van de leervergoedingen of de loonkosten die hij normaliter als beroepskosten mag inbrengen.  Het moet hierbij natuurlijk gaan om leervergoedingen of lonen die hij betaald heeft aan een of meer jongeren voor wie hij in aanmerking kwam voor de startbonus.

Om deze vrijstelling te kunnen krijgen, moet de betrokken werkgever de volgende documenten ter beschikking houden van de belastingadministratie:

  1. het bewijs dat hij gedurende het belastbaar tijdperk voor de betrokken jongere(n) een stagebonus heeft verkregen van de RVA;
  2. een nominatieve lijst van de tewerkgestelde jongeren met, voor elke jongere, vermelding van :
    • de volledige identiteit, inclusief rijksregisternummer;
    • de bruto belastbare bezoldigingen die de werkgever aan de jon-gere(n) heeft betaald of toegekend, met inbegrip van alle wette-lijk of contractueel verschuldigde bijdragen en premies.
     

Belangrijke opmerkingen

Het voordeel van de start- en stagebonus geldt enkel voor opleidings- of arbeidsovereenkomsten die ten vroegste op 1 juli 2006 aanvangen.  

Lopende overeenkomsten komen niet in aanmerking.

Een nieuwe (2de of 3de of zelfs 4de…) opleidings- of arbeidsovereenkomst in het kader van een alternerende opleiding die reeds vóór 1 juli 2006 aanving, komt wél in aanmerking (bv. omdat de jongere om één of andere reden van werkgever verandert).

Aanvraagdossiers kunnen pas ten vroegste ingediend worden op 1 september 2006, de datum van inwerkingtreding van de maatregel.

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites