NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

De bijdragevermindering voor laaggeschoolde startbaners (tewerkgesteld na 31 december van het jaar waarin ze 18 jaar worden)

 

/uploadedImages/A-Z/picto_6.jpgOpgelet!  De informatie op deze pagina gaat over bevoegdheden die, geheel of gedeeltelijk, overgedragen werden naar de gemeenschappen en gewesten.  

De bestaande regelgeving blijft gelden tot een gemeenschap of gewest ze wijzigt. 

Sinds 1 april 2015 kan u voor meer informatie terecht bij de bevoegde dienst:  

 

Voorwaarden waaraan de jongere moet beantwoorden

De jongere moet laaggeschoold zijn.

Laaggeschoold = wie geen diploma van secundair onderwijs heeft (vroeger "getuigschrift van het hoger secundair onderwijs", een benaming die nu nog gebruikt wordt in de Franse en Duitstalige Gemeenschap)

Zijn tewerkstelling moet de hoedanigheid van startbaanovereenkomst (hierna SBO) hebben.
Het belangrijkste hierbij is dat de jonge werknemer nog geen 26 jaar oud mag zijn bij instap en dat die hoedanigheid van SBO ophoudt op de laatste dag van het kwartaal waarin zijn 26ste verjaardag valt. Einde SBO = einde doelgroepvermindering.

Tenslotte moet hij een werkkaart hebben die aangeeft dat hij recht geeft op de RSZ-vermindering voor laaggeschoolde startbaners.

Formaliteiten vóór of op het ogenblik van de indiensttreding: de werkkaart

Om recht te geven op een doelgroepvermindering voor “laaggeschoolde startbaners” moet de jongere aangeworven worden binnen de geldigheidsduur van een werkkaart die door de RVA uitgereikt wordt.

Meer informatie over de werkkaart.

Formaliteiten na de indiensttreding

De tewerkstelling onder SBO en de gevraagde vermindering moeten met de gepaste codes aangeduid worden op de tewerkstellingslijn in de DmfA of DmfAPPL (verminderingscode = 3410).

Voor technische info:

Voorwaarde in verband met het loon van de jongere

Het refertekwartaalloon van de jonge werknemer mag niet hoger zijn dan 9000 euro.
Refertekwartaalloon = ruwweg het totale brutoloon (of “loonmassa”) dat de werkgever in de loop van een kwartaal aan de jonge werknemer uitbetaalt en in de DmfA aangeeft.

Als dit loon in een bepaald kwartaal hoger is dan de limiet van 9000 euro, dan mag de werkgever de bijdragevermindering niet toepassen.
Als dit loon in een volgend kwartaal dan weer onder deze limiet ligt, dan mag de werkgever de bijdragevermindering opnieuw toepassen.

Duur en bedrag van de bijdragevermindering voor laaggeschoolde startbaners

Basisverminderingsbedrag = 1.500 euro in het kwartaal van indiensttreding en de 7 volgende kwartalen (= ruwweg 2 jaar).

Na deze eerste periode volgt nog een periode van 4 kwartalen (1 jaar) met een basisverminderingsbedrag van 400 euro.

Totale kortingsperiode: ruwweg 3 jaar.

Opgelet: de vermindering geldt enkel in de periode dat de jonge werknemer startbaner kan zijn.
Dit wil zeggen dat de vermindering hoe dan ook stopt op het einde van het kwartaal waarin de jongere 26 jaar wordt. Zelfs als de volledige periode van 3 jaar nog niet “op” is.

Als de jongere reeds in dienst was vóór 1 januari van het jaar waarin hij 19 jaar wordt, dan wordt het eerste kwartaal van dat jaar beschouwd als kwartaal van indiensttreding
(anders gezegd: voor de duur van de eerste periode waarin het basisverminderingsbedrag 1.500 euro is, wordt geen rekening gehouden met de tewerkstelling vóór 1 januari van het jaar waarin de jongere 19 jaar wordt, of nog anders: de periode van 1.500 euro/kwartaal begint nooit vroeger te lopen dan het eerste kwartaal van dat jaar).

Verandert de jongere van werkgever, dan kan weer een periode van maximum 3 jaar korting beginnen lopen (inclusief de beperking daarop: einde startbaan = einde korting).

Het is mogelijk dat een jongere die bij zijn indiensttreding “laaggeschoold" was, in de loop van zijn tewerkstelling zijn kwalificatieniveau verhoogt door bijkomende opleidingen (van "laaggeschoold" naar bv. "middengeschoold").
Dit heeft geen invloed op de verdere toekenning van de bijdragevermindering voor “laaggeschoolde startbaners”. Het is enkel en alleen de attestering op de werkkaart van de jongere bij zijn indiensttreding (of in januari van het jaar waarin hij 19 jaar werd) die van tel is.

Als de werkkaart laattijdig werd aangevraagd, dan zal een bepaald aantal kwartalen (minstens 1) afgetrokken worden van de periode waarin de vermindering van 1.500 euro wordt toegekend (we gaan ervan uit dat geen enkele werkgever nog later dan die periode een aanvraag gaat indienen voor een werkkaart).

Als het bedrag van de normaal te betalen bijdragen kleiner is dan het bedrag van de bijdragevermindering voor “laaggeschoolde startbaners”, dan is het bedrag van de werkelijk toegekende vermindering natuurlijk maar even groot.

Hetzelfde geldt wanneer deze bijdragevermindering gecombineerd wordt met een structurele bijdragevermindering: als het normaal verschuldigd bijdragebedrag kleiner is dan het bedrag van die twee verminderingen samen, dan wordt de toegekende vermindering beperkt tot dat verschuldigd bijdragebedrag.

Als de jongere geen volledige prestaties heeft in een bepaald kwartaal (bv. bij halftijds werken of wanneer hij maar gedurende 1 maand gewerkt heeft in dat kwartaal), dan wordt het bedrag van de vermindering ook aangepast.

De volledige technische uitleg over de aanpassing van het basisverminderingsbedrag kunt u nalezen in de instructies van de betrokken inningsdienst aan de bij hem aangesloten werkgevers:

RSZ: https://www.socialsecurity.be/site_nl/employer/infos/employer_onss/index.htm --> klikken op de link “algemene Administratieve instructies RSZ” --> onder “De bijdrageverminderingen” klikken op “De structurele vermindering en de doelgroepverminderingen” --> Inleiding --> Verminderingsbedrag

RSZPPO: https://www.socialsecurity.be/site_nl/employer/infos/employer_ppl/index.htm --> onder “Instructies voor de werkgevers” klikken op de link “algemene instructies voor de werkgevers” --> onder “Tewerkstellingsmaatregelen en bijdrageverminderingen” klikken op “Doelgroepverminderingen” --> Kenmerken en berekeningswijze --> Berekening van de forfaitaire vermindering

Cumuleren…

De vermindering voor “laaggeschoolde startbaners” kan gecumuleerd worden met de structurele bijdragevermindering.

Toetsing van de voorwaarden

Als de RVA voor een bepaalde jongere geen werkkaart uitgereikt heeft of geen werkkaart met de vermelding dat hij recht geeft op de vermindering voor “laaggeschoolde startbaners”, dan wordt die bijdragevermindering niet toegekend.
Als de werkkaart van een bepaalde jongere te laat werd aangevraagd, dan wordt de vermindering pas toegekend vanaf het kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin de aanvraag gebeurde. 

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites