NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Gebeurtenissen of beslissingen die de arbeidsorganisatie en arbeidsvoorwaarden zouden kunnen wijzigen

Belangrijke structuurwijzigingen – Informatie en raadpleging 

In geval van fusie, concentratie, overname of sluiting of andere belangrijke structuurwijzigingen besproken door de onderneming, zal de ondernemingsraad daarover te gelegener tijd en voor enige bekendmaking worden ingelicht. Hij zal vooraf doeltreffend worden geraadpleegd, onder andere over de weerslag op de vooruitzichten inzake tewerkstelling van het personeel, de organisatie van het werk en het tewerkstellingsbeleid in het algemeen.

Om vast te stellen op welk tijdstip de beslissing aan de ondernemingsraad moet worden meegedeeld, zal het ondernemingshoofd zich door de volgende beginselen moeten laten leiden:

  • de informatie mag geen afbreuk doen aan de voorrechten van het ondernemingshoofd voor wat de beslissing van economische aard betreft;
  • de informatie mag het normale verloop van de eventueel aan de gang zijnde onderhandelingen niet hinderen;
  • de informatie moet vooraf gebeuren, m.a.w. voor de beslissing openbaar wordt gemaakt en van toepassing wordt;
  • de informatie moet zo spoedig mogelijk gebeuren en op een ogenblik dat de directie en de werknemersafgevaardigden in de ondernemingsraad tijdig overleg kunnen plegen, onder andere over de sociale maatregelen die moeten worden genomen om de weerslag van de beslissing op de vooruitzichten inzake de tewerkstelling en de organisatie van het werk zo goed mogelijk op te vangen.  

Het tijdstip waarop de beslissing zal moeten worden meegedeeld, zal noodzakelijkerwijs verschillen van onderneming tot onderneming, voornamelijk rekening houdende met het belangrijke en voor de werknemers zeer gewichtige tijdsverloop dat mogelijk is tussen de feitelijke beslissing en de beslissing van de statutaire organen van de onderneming, die er in laatste instantie moeten over beraadslagen.

Men kan, als aanwijzing, stellen dat in een aantal ondernemingen die als naamloze vennootschap zijn opgericht, de mededeling van de beslissing aan de ondernemingsraad en de raadpleging van deze laatste over de voorgenomen sociale maatregelen zo vlug mogelijk zullen moeten gebeuren, tussen het ogenblik waarop de beheerraad zich over het beginsel van de beslissing heeft uitgesproken en het ogenblik waarop de algemene vergadering van de aandeelhouders wordt bijeengeroepen om erover te beraadslagen.

De ondernemingsraad wordt ingelicht over de economische, financiële of technische factoren die aan de oorsprong liggen van de structuurwijzigingen van de onderneming en deze verantwoorden, alsook over hun economische, financiële en sociale gevolgen.

Hij wordt geraadpleegd over de middelen, die moeten worden aangewend om de afdankingen en de mutaties te vermijden, die de beroeps- of sociale teruggang van de werknemers meebrengen, over de programma's van collectief ontslag, overhevelingen en mutaties, over de te nemen sociale maatregelen, over de schikkingen die moeten getroffen worden om tot de spoedige wedertewerkstelling en de sociale en beroepsomscholing te komen alsook, in het algemeen, over alle maatregelen die moeten worden genomen met het oog op de optimale benutting van het menselijk potentieel.

Wat de sociale maatregelen betreft die getroffen worden, zullen de werknemersafgevaardigden alle faciliteiten moeten krijgen om de nodige contacten te leggen ten einde de wedertewerkstelling, de beroepsomscholing en de sociale wederaanpassing van de afgedankte, verplaatste of gemuteerde werknemers in de hand te werken.

Wettelijke referentie 

Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart 1972 houdende ordening van de in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden

Collectief ontslag  - Informatie en raadpleging 

Indien een werkgever tot collectief ontslag wenst over te gaan, dient hij verschillende verplichtingen te respecteren.

Eén van deze is de verplichting om de werknemers via hun vertegenwoordigers te informeren en te raadplegen.

De informatie- en raadplegingsprocedure vindt plaats met de werknemersvertegenwoordigers die zetelen in de ondernemingsraad. Bij ontstentenis van een ondernemingsraad, betreft het de werknemersvertegenwoordigers van de vakbondsafvaardiging, en bij ontstentenis van deze twee organen, het comité voor preventie en bescherming op het werk.

De verplichte informatie en raadplegingsprocedure in het kader van de reglementering collectief ontslag moet « tijdig » gebeuren, en dus voordat de beslissing genomen wordt.

De werkgever moet aan de werknemersvertegenwoordigers alle nuttige gegevens verstrekken en hen in elk geval schriftelijk meedelen, de redenen van de voorgenomen ontslagen, de criteria die aangelegd zullen worden bij het selecteren van de voor ontslag in aanmerking komende werknemers, het aantal en de categorieën van voor ontslag in aanmerking komende werknemers, het aantal en de categorieën werknemers die hij gewoonlijk in dienst heeft, alsook de wijze van berekening van eventuele afvloeiingsuitkeringen die niet krachtens de wet of een collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigd zijn en de periode tijdens welke tot ontslag zal worden overgegaan.

Deze informatie moet het mogelijk maken om de raadpleging aan te vatten, om van gedachten te wisselen betreffende de mogelijkheden om het collectief ontslag te voorkomen of te verminderen, alsook de mogelijkheid de gevolgen ervan te verzachten, door het nemen van sociale begeleidingsmaatregelen om bij te dragen tot de herplaatsing of de omscholing van de ontslagen werknemers.

Deze verplichting doet geen afbreuk aan het recht van de ondernemingsraad op informatie en raadpleging wat betreft de beslissingen die de arbeidsorganisatie, arbeidsvoorwaarden en het arbeidsbeleid zouden kunnen wijzigen.

Wettelijke referenties

Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 24 van 2 oktober 1975 betreffende de procedure van inlichting en raadpleging van de werknemersvertegenwoordigers met betrekking tot het collectief ontslag

Koninklijk besluit van 24 mei 1976 betreffende het collectief ontslag;

Wet van 13 februari houdende bepalingen tot bevordering van de tewerkstelling: art. 62 en volgende; 

Koninklijk besluit van 30 maart 1998 tot uitvoering van de artikelen 63 en 66, § 2, van hoofdstuk VII, Collectief ontslag, van de wet van 13 februari 1998 houdende bepalingen tot bevordering van de tewerkstelling

Sluiting van onderneming - Raadpleging   

De werkgever die beslist om over te gaan tot sluiting van een onderneming of van een afdeling ervan, is verplicht voorafgaande informatie te verstrekken aan de werknemers, aan de werknemersvertegenwoordigers in de ondernemingsraad en aan diverse instanties.

Deze verplichting tot informatie en raadpleging vindt plaats volgens gelijkaardige modaliteiten als deze van toepassing voor het collectief ontslag.

Deze verplichting in het kader de reglementering aangaande sluiting van ondernemingen doet geen afbreuk aan het recht van de ondernemingsraad op voorafgaande informatie en raadpleging wat betreft de beslissingen die belangrijke gevolgen zouden kunnen hebben voor de werkgelegenheid, de arbeidsorganisatie en het arbeidsbeleid in het algemeen.

Dit recht op raadpleging van de werknemersvertegenwoordigers houdt niet in dat de ondernemingsraad de beslissing om de onderneming of een afdeling ervan te sluiten kan verhinderen.

Als de sluiting van de onderneming of een afdeling ervan aanleiding geeft tot collectief ontslag, moet daarenboven ook de informatie- en raadplegingsprocedure in het kader van collectief ontslag gevolgd worden.

Wettelijke referenties

Wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van ondernemingen 

Koninklijk besluit van 3 augustus 2007 tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 maart 2007 tot uitvoering van de wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van de ondernemingen     

Continuïteit van ondernemingen in moeilijkheden en overdracht onder gerechtelijk gezag - Raadpleging  

De wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen heeft tot doel aan de ondernemingen waarvan de continuïteit bedreigd is, maar waarvan het behoud van het geheel of een gedeelte van de onderneming nog kan verzekerd worden, uitstel te verlenen. 

Op die manier biedt de wet aan de werkgever van een onderneming in moeilijkheden de mogelijkheid om tot herstel te komen; ofwel door een minnelijk akkoord met zijn schuldeisers te bewerkstelligen, ofwel door het verkrijgen van een uitstel, onder de controle van een rechter (gerechtelijke reorganisatie). Deze gerechtelijke reorganisatie kan verschillende vormen aannemen :  

  • Gerechtelijke reorganisatie door het sluiten van een minnelijk akkoord met de schuldeisers; 
  • Gerechtelijke reorganisatie door het opstellen van een reorganisatieplan met het collectief akkoord van de schuldeisers; 
  • Gerechtelijke reorganisatie door overdracht onder gerechtelijk gezag van het geheel of een gedeelte van de onderneming of haar activiteiten aan één of meer derden.    

Rol van de ondernemingsraad

Wat betreft de bevoegdheden van de ondernemingsraad, kan deze op twee manieren tussenkomen :    

  • in het geval van een gerechtelijke reorganisatie door een collectief akkoord met de schuldeisers, moet de ondernemingsraad bij de uitwerking van het reorganisatieplan gehoord worden wanneer er een sociaal luik in het plan voorzien wordt omdat de continuïteit van de onderneming een vermindering van de loonmassa vereist; 
  • in het geval van een gerechtelijke reorganisatie door overdracht onder gerechtelijk gezag, moet de ondernemingsraad gehoord worden.    

Het recht op informatie en raadpleging hierboven bedoeld, doet geen afbreuk aan de verplichting van de werkgever om zijn werknemers en hun vertegenwoordigers te informeren en te raadplegen in het kader van andere wetgevende, regelgevende en conventionele teksten, in het bijzonder CAO nr. 9.  

Bij ontstentenis van een ondernemingsraad of een vakbondsafvaardiging in de onderneming, wordt het voorafgaand informeren van de werknemers in het kader van gerechtelijke reorganisatie via overdracht onder gerechtelijk gezag geregeld door cao nr. 102.   

Wettelijke referenties

Wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen (BS : 9 februari 2009) 

Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart 1972 houdende ordening van de in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden. 

Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 102 van 5 oktober 2011 betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij wijziging van werkgever ten gevolge van een gerechtelijke reorganisatie door overdracht onder gerechtelijk gezag   

  

Faillissement - Informatie en raadpleging  

Een onderneming die op duurzame wijze heeft opgehouden te betalen en wiens krediet geschokt is, bevindt zich in staat van faillissement. De vereiste van het duurzaam karakter van het ophouden van betaling is specifiek voor de procedure van het faillissement.

Binnen de maand nadat een onderneming heeft opgehouden te betalen, moet hiervan aangifte gedaan worden (“aangifte van staking van betaling”) op de griffie van de Rechtbank van Koophandel (het zgn. neerleggen van de boeken). De faillissementsprocedure kan eveneens worden ingeleid via dagvaarding door een schuldeiser of door het openbaar ministerie of door de voorlopige bewindvoerder van de onderneming.

Uiterlijk op het moment van deze aangifte, moet de aangifte samen met de gegevens tot staving van de staat van faillissement aan de ondernemingsraad worden meegedeeld en besproken in de ondernemingsraad.

De faillietverklaring wordt uitgesproken door de Rechtbank van Koophandel. Vanaf het vonnis verliest de gefailleerde het beheer over zijn goederen. Er worden één of meer curatoren aangesteld. De curator moet zich als een goed huisvader aan zijn taak kwijten en onmiddellijk de nodige maatregelen treffen opdat geen enkel element uit het patrimonium zou verwijden. 

Op verzoek van curators of van iedere belanghebbende (dus ook de werknemers) kan de rechtbank beslissen om de activiteit van de gefailleerde voorlopig verder te zetten. De rechtbank kan hierover slechts beslissen na de vertegenwoordigers van het personeel in de ondernemingsraad te hebben gehoord.

Dadelijk na het faillissementsvonnis en in afwachting van de uitspraak van de Rechtbank van Koophandel kunnen de curators, na overleg met de representatieve vakbonden, toestaan dat de activiteit wordt voortgezet.

Deze informatie- en raadplegingsverplichtingen die voorzien zijn in het kader van de faillissementswet, doen geen afbreuk aan het recht van de ondernemingsraad op informatie en raadpleging betreffende economische en financiële informatie.

Wettelijke referenties

De faillissementswet van 8 augustus 1997.  

Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 9 van 9 maart 1972 houdende ordening van de in de Nationale Arbeidsraad gesloten nationale akkoorden en collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de ondernemingsraden. 

 

 

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites