NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Rol van de werknemers in de Europese vennootschap

De collectieve arbeidsovereenkomst nr. 84 van 6 oktober 2004, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de rol van de werknemers in de Europese Vennootschap, algemeen verbindend verklaard bij het Koninklijk Besluit van 22 december 2004 (B.S. van 19.01.2005), heeft tot doel de modaliteiten van de rol van de werknemers van de Europese Vennootschappen te bepalen. Zij zet de richtlijn 2001/86/EG van de Raad van 8 oktober 2001 tot aanvulling van het statuut van de Europese Vennootschap met betrekking tot de rol van de werknemers om in onze interne rechtsorde.

Deze richtlijn is erop gericht te garanderen dat de oprichting van een Europese vennootschap niet leidt tot de verdwijning of de afzwakking van het regime aangaande de rol van de werknemers dat bestaat in de vennootschappen die deelnemen aan de oprichting van een Europese Vennootschap. Zij maakt het onlosmakelijke complement uit van de verordening (EG) nr. 2157/2001 van de Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese vennootschap.
Deze verordening is erop gericht de oprichting en het beheer mogelijk te maken van vennootschappen met Europese dimensie, buiten elke hinderpaal die voortkomt uit de verscheidenheid en de beperkte territoriale toepassing van het nationaal vennootschapsrecht. Zij regelt dus de oprichting en de activiteiten van Europese Naamloze Vennootschappen (SE) voor wat betreft het luik vennootschapsrecht. Daarnaast bepaalt zij dat de rol van de werknemers in een SE geregeld wordt door de bepalingen van de richtlijn 2001/86/EG. De domeinen fiscaal recht, concurrentie, intellectuele eigendom en insolvabiliteit zijn niet gedekt door deze verordening, doch worden geregeld door de bepalingen van het nationaal recht van elke Lidstaat en eventueel door andere bepalingen van het communautair recht. Buiten de aspecten die geregeld worden door de verordening, wordt een SE in elke Lidstaat beschouwd als een naamloze vennootschap opgericht volgens het recht van de Lidstaat waarin zij haar statutaire zetel heeft. Zo ook blijven, buiten de waarborg aangaande de rol van de werknemers, andere vragen betreffende sociaal recht, en meer bepaald arbeidsrecht, geregeld door de nationale bepalingen van de verschillende Lidstaten.

Hoewel zij rechtsreeks van toepassing is in onze rechtsorde, werden bepaalde punten van de verordening (EG) nr. 2157 omgezet naar ons wetboek vennootschapsrecht bij Koninklijk Besluit van 1 september 2004 betreffende de uitvoering van de verordening (EG) nr. 2157/2001 van de Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese Vennootschap (B.S. van 09.09.2004). 

Toepassingsgebied

De modaliteiten betreffende de rol van de werknemers moeten in principe worden vastgesteld in elke Europese Vennootschap, voorafgaandelijk aan haar inschrijving. 

Definities

Wordt verstaan onder:

  • "Europese Vennootschap of SE": een vennootschap, opgericht overeenkomstig verordening (EG) nr. 2157/2001 van de Europese Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese Vennootschap. Het betreft een naamloze vennootschap beheerst door het communautair recht dat rechtstreeks toepasselijk is in alle Lidstaten. Zij kan slechts worden opgericht binnen de Europese Gemeenschap. Haar oprichtingsmodaliteiten worden bepaald door twee teksten: de Verordening nr. 2157/2001 van de Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese vennootschap (P.B. E.G. 10.11.2001) en de Richtlijn 2001/86/EG van de Raad van 8 oktober 2001 tot aanvulling van het statuut van de Europese vennootschap met betrekking tot de rol van de werknemers (P.B. E.G. 10.11.2001).

    Een SE kan worden opgericht op 4 manieren:
     
    • door fusie van minstens twee naamloze vennootschappen;
    • door oprichting van een holdingmaatschappij door minstens twee naamloze vennootschappen of vennootschappen met beperkte aanprakelijkheid;
    • door oprichting van een dochteronderneming door minstens twee vennootschappen;
    • door omzetting van een bestaande naamloze vennootschap.
     

In alle gevallen dient een grensoverschrijdend element aanwezig te zijn. Bijgevolg dienen de betrokken vennootschappen te vallen onder minstens twee Lidstaten van de EU. In geval van omzetting dient de vennootschap een dochteronderneming te hebben in een andere Lidstaat sinds minstens twee jaar.

  • "rol van de werknemers": informatie, raadpleging, medezeggenschap en elk ander mechanisme dat de werknemersvertegenwoordigers in staat stelt invloed uit te oefenen op binnen de onderneming te nemen beslissingen;>
     
  • "informatie": het verstrekken, door het bevoegde orgaan van de SE, aan het orgaan dat de werknemers vertegenwoordigt en/of aan de werknemersvertegenwoordigers, van inlichtingen over aangelegenheden die betrekking hebben op de SE zelf en op eender welke van haar dochterondernemingen of vestigingen in een andere Lidstaat of over aangelegenheden die de bevoegheid van de besluitvormingsorganen in één enkele Lidstaat te buiten gaan, op een zodanig tijdstip, op een zodanige wijze en met een zodanige inhoud dat de werknemersvertegenwoordigers het mogelijk effect ervan grondig kunnen beoordelen en, in voorkomend geval, raadplegingen met het bevoegde orgaan van de SE kunnen voorbereiden;
     
  • "raadpleging": de instelling van een dialoog en de uitwisseling van standpunten tussen het orgaan dat de werknemers vertegenwoordigt en/of de werknemersvertegenwoordigers en het bevoegde orgaan van de SE, op een zodanig tijdstip, op een zodanige wijze en met een zodanige inhoud dat de werknemersvertegenwoordigers, op basis van de verstrekte informatie, een mening over de door het bevoegde orgaan beoogde maatregelen kenbaar kunnen maken waarmee rekening kan worden gehouden in het besluitvormingsproces binnen de SE;
     
  • "medezeggenschap": de invloed van het orgaan dat de werknemers vertegenwoordigt en/of van de werknemersvertegenwoordigers op de gang van zaken bij een vennootschap door uitoefenen van hun recht om een aantal leden van het toezichthoudend of het bestuursorgaan van de vennootschap te kiezen of te benoemen, of van hun recht om met betrekking tot de benoeming van een aantal of alle leden van het toezichthoudend of het bestuursorgaan van de vennootschap aanbevelingen te doen of bezwaar te maken;
     
  • "bijzondere onderhandelingsgroep" (B.O.G.): de regelmatig opgerichte groep die tot doel heeft met het bevoegde orgaan van de deelnemende vennootschappen te onderhandelen over de vaststelling van regelingen met betrekking tot de rol van de werknemers in de SE;
     
  • "vertegenwoordigingsorgaan": het grensoverschrijdende orgaan dat de werknemers vertegenwoordigt, regelmatig opgericht, ten behoeve van de informatie en raadpleging van de werknemers van de SE en haar dochterondernemingen en vestigingen in een Lidstaat en, in voorkomend geval, van de uitoefening van medezeggenschapsrechten in verband met de SE. 

Algemene lijnen van de procedure

De procedure is relatief gelijkend aan deze opgemaakt voor de instelling van een Europese Ondernemingsraad of een procedure ter informatie en raadpleging van de werknemers door de C.A.O. nr. 62.

Wanneer de leidinggevende (dualistisch systeem) of bestuursorganen (monistisch systeem) van de deelnemende vennootschappen een ontwerp van instelling van een SE opmaken, dienen zij zo snel mogelijk na de publicatie van het ontwerp van fusie of van oprichting van een holdingmaatschappij of na het aannemen van een ontwerp van oprichting van een dochtermaatschappij of van omzetting in een SE, de nodige maatregelen te treffen teneinde onderhandelingen met de werknemersvertegenwoordigers van de deelnemende vennootschappen en van de betrokken dochtervennootschappen of vestigingen op te starten, aangaande de modaliteiten betreffende de rol van de werknemers in de SE. Op dit punt bestaat er een fundamenteel verschil ten opzichte van de procedure van de Europese Ondernemingsraad: het opstarten van deze onderhandelingen ingevolge een initiatief van de werknemers is niet voorzien. Dit wordt verklaard door het feit dat het hier gaat om een noodzakelijke voorwaarde voor de oprichting van de Europese Vennootschap.

Eens de procedure is opgestart, wordt er een bijzondere onderhandelingsgroep ingesteld die de werknemers vertegenwoordigt, teneinde te onderhandelen met de bevoegde organen van de deelnemende vennootschappen en te komen tot een geschreven akkoord aangaande de modaliteiten van de rol van de werknemers in de toekomstige SE.

De onderhandelingen kunnen zes maanden duren en kunnen verlengd worden tot maximum één jaar.

Drie resultaten zijn mogelijk:

  • De bijzondere onderhandelingsgroep kan beslissen de onderhandelingen niet aan te vatten of stop te zetten (mogelijkheden niet toepasselijk in geval van omzetting) en zich te baseren op de nationale regels die betrekking hebben op de informatie en raadpleging van de werknemers, geldend in de Lidstaten waar de SE werknemers tewerkstelt. In dat geval zal er een Europese Ondernemingsraad bestaan.
     
  • De bijzondere onderhandelingsgroep en de bevoegde organen van de deelnemende vennootschappen sluiten een overeenkomst die schriftelijk dient te zijn. Deze overeenkomst legt de modaliteiten vast aangaande de rol van de werknemers in de toekomstige SE.
     
  • Deze overeenkomst dient in geval van instelling van een vertegenwoordigingsorgaan te voorzien:
     
    • haar toepassingsgebied;
    • de samenstelling, het aantal leden en de verdeling van de zetels van het vertegenwoordigingsorgaan dat de onderhandelingspartner zal zijn van het bevoegde orgaan van de SE in het kader van de modaliteiten betreffende de informatie en de raadpleging van de werknemers van de SE en van haar dochterondernemingen of vestigingen;
    • de bevoegdheden en de procedure tot informatieverstrekking en raadpleging van het vertegenwoordigingsorgaan;
    • de frequentie van de vergaderingen van het vertegenwoordigingsorgaan;
    • de financiële en materiële middelen te verlenen aan het vertegenwoordigingsorgaan;
    • in voorkomend geval, de vastgelegde modaliteiten van medezeggenschap;
    • de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst en haar duur, de gevallen waarin er heronderhandeld dient te worden en de procedure voor hervatting van de onderhandelingen. 

In geval van instelling van een medezeggenschap, dient de overeenkomst te vermelden het aantal leden van het toezichthoudende of bestuursorgaan dat de werknemers zullen mogen kiezen, benoemen, aanbevelen of tegen wiens benoeming zij zich zullen kunnen verzetten, de procedure van hun verkiezing, benoeming of aanbeveling, de procedure van verzet alsook hun rechten.
Buiten het geval van omzetting, kunnen de partijen evengoed overeenkomen de bestaande participatierechten uit te breiden of in te perken.

Indien de partijen overeenkomen eerder één of meerdere informatie - en raadplegingsprocedures in te stellen, dient hun overeenkomst de modaliteiten dienaangaande te vermelden.

  • De bijzondere onderhandelingsgroep en de bevoegde organen van de deelnemende vennootschappen komen niet tot een overeenkomst binnen de voorziene termijn of komen vrijwillig overeen de referentievoorschriften toe te passen. 

De referentievoorschriften

Deze zijn toepasselijk indien de partijen dit overeenkomen ofwel vanaf de datum van inschrijving van de SE, indien de bijzondere onderhandelingsgroep en de bevoegde organen van de deelnemende vennootschappen niet tot een overeenkomst komen binnen de voorziene termijn (niet te verwarren met het geval waarin de B.O.G. heeft beslist zich te baseren op de nationale bepalingen die betrekking hebben op de informatie en raadpleging).

Bovendien zijn ze enkel toepasselijk:

  • in het geval van een SE opgericht door omzetting, indien de regels van een Lidstaat betreffende de medezeggenschap van de werknemers in het toezichthoudend of bestuursorgaan van toepassing waren op een in een SE omgezette vennootschap;
     
  • in het geval van een SE opgericht door fusie, indien er vóór de inschrijving in één of meer van de deelnemende vennootschappen één of meer vormen van medezeggenschap van toepassing waren die ten minste 25 % van het totale aantal werknemers van de deelnemende vennootschappen bestreken;
     
  • in het geval van een SE opgericht door oprichting van een holdingmaatschappij of een dochteronderneming, indien er vóór de inschrijving van de SE, in één of meer van de deelnemende vennootschappen één of meer vormen van medezeggenschap van toepassing waren die ten minste 50 % van het totale aantal werknemers van de deelnemende vennootschappen bestreken.

Indien de hoger vermelde drempels niet worden bereikt, kan de bijzondere onderhandelingsgroep niettemin beslissen ze toch toe te passen.

Bijgevolg zal het, in geval partijen overeengekomen zijn de referentievoorschriften toe te passen, wenselijk zijn dat zij hun bedoelingen preciseren in geval van lagere drempels dan deze hoger vermeld, om elke onzekerheid te vermijden.

De referentievoorschriften regelen de informatie, de raadpleging en de medezeggenschap van de werknemers. Ze bevatten de regels van samenstelling en van werking van het orgaan dat de werknemers vertegenwoordigt, zijn bevoegheden op het vlak van informatie en raadpleging en de eventuele regels van medezeggenschap. 

Wettelijke omkadering

  • De wet van 10 augustus 2005 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap (B.S. van 09.07.2005);
     
  • De wet van 17 september 2005 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap (B.S. van 26.10.2005);

Deze twee wetten hebben tot doel de C.A.O. nr. 84 te omkaderen en de omzetting van de Richtlijn 2001/86/EG te finaliseren.

De wet van 10 augustus 2005 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap bepaalt het recht dat van toepassing is op elk type van verplichting:

  • voor de instelling van de B.O.G., de overlegprocedure binnen de B.O.G., de inhoud van het eventueel akkoord gesloten binnen de B.O.G., de instelling en de werking van het werknemersvertegenwoordigingsorgaan, de instelling en de werking van de procedure betreffende de rol van de werknemers, is dit het recht van de Lidstaat op wiens grondgebied de statutaire zetel van de SE gevestigd is;
     
  • voor de berekeningswijze van het aantal werknemers dat in aanmerking wordt genomen en de aanwijzing van de werknemersvertegenwoordigers, is dit het recht van de Lidstaat waar de betrokken vestigingen of ondernemingen gevestigd zijn;
     
  • voor het statuut van de werknemersvertegenwoordigers en hun bescherming tegen ontslag, is dit het recht van de Lidstaat waar hun werkgever gevestigd is, of, ingeval van wetsconflict, het recht dat normaal gezien hun overeenkomst beheerst (art. 6 van het Verdrag van Rome).

Verder voorziet de wet het principe van vertrouwelijkheid van bepaalde inlichtingen opzichtens de werknemersvertegenwoordigers. Zo kunnen bepaalde inlichtingen waarvan de verspreiding ernstige schade zou kunnen berokkenen aan de onderneming, worden meegedeeld onder voorbehoud van vertrouwelijkheid, en zullen andere inlichtingen niet worden meegedeeld. De Koning stelt een lijst op van deze laatste inlichtingen.
De wet garandeert aan de werknemersvertegenwoordigers die zetelen in de verschillende organen van de procedure betreffende de rol van de werknemers die tewerkgesteld zijn in België, een ontslagbescherming die gelijkaardig is aan deze van toepassing op de afgevaardigden van het personeel in een ondernemingsraad.
Tenslotte voert de wet een systeem van toezicht en sancties in.

De wet van 17 september 2005 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap bepaalt de procedure om geschillen inzake hogervermelde vertrouwelijke informatie af te handelen. Deze geschillen vallen onder de bevoegdheid van de voorzitter van de arbeidsrechtbank van de plaats van de zetel van het toezichts- of bestuursorgaan. De controle van de vertrouwelijkheid gebeurt dus door de voorzitter van de arbeidsrechtbank die handelt volgens een procedure die verwant is aan de procedure in kortgeding zoals geregeld door het Gerechtelijk Wetboek. Zijn beslissing is niet vatbaar voor hoger beroep door de partijen in het geding, zij is definitief. Teneinde volledige discretie te waarborgen, vindt deze procedure plaats in raadkamer. Bij betwistingen aangaande het weigeren van meedelen van bepaalde inlichtingen en bij deze aangaande de verplichting om bepaalde inlichtingen niet te verspreiden, doch in dit laatste geval enkel voor de verzoekers die de inlichtingen nog niet zouden hebben ontvangen ingevolge hun hoedanigheid van werknemersvertegenwoordiger of deskundige, hebben enkel de voorzitter van de arbeidsrechtbank en de arbeidsauditeur, belast met de neerlegging van een omstandig verslag dat de beslissing kan verduidelijken, kennis van het hele dossier. Zij kunnen beslissen dat bepaalde stukken vertrouwelijk moeten blijven voor zover zij menen dat de inlichtingen waarop het geschil betrekking heeft niet moeten worden meegedeeld of niet mogen worden verspreid. De voorzitter bepaalt uiteindelijk welke inlichtingen mogen worden verspreid.

Deze wet laat de representatieve organisaties van werknemers toe een vordering in rechte in te stellen teneinde het respect te verzekeren van de bepalingen van de wet van 10 augustus 2005 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap.
Zij brengt verder enkele wijzigingen aan in het Gerechtelijk Wetboek.

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites