NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Ventilatie

Werkruimte

De werklokalen moeten ten minste 2,5 meter hoog zijn. Iedere werknemer moet over een werkelijke ruimte van 10 m³ en over een vrije oppervlakte van 2 m² beschikken. De afmetingen van het vrije, ongemeubileerde oppervlak van de werkpost wordt zodanig berekend dat de werknemers bij de uitoefening van hun taak over voldoende bewegingsruimte beschikken.

De hoogte van de werklokalen dient dus minimum 2,50 m te bedragen op de plaatsen waar het personeel tewerkgesteld wordt of op de plaatsen waar de werkposten opgesteld staan. Indien de hoogte van sommige gedeelten van werklokalen geen 2,50 m bedraagt, worden deze gedeelten niet meegerekend voor het bepalen van het minimumvolume of de minimumoppervlakte waarover iedere arbeider moet beschikken.

Indien om redenen die specifiek zijn voor de werkpost, niet aan deze eis kan worden voldaan, moet de werknemer op een andere plaats dicht bij zijn werkpost over voldoende vrije ruimte kunnen beschikken.

Luchtverversing

De werkgever zorgt ervoor dat de werknemers in de werklokalen over voldoende verse lucht beschikken, rekening houdend met de werkmethoden en de door de werknemers te leveren lichamelijke inspanningen. Hiertoe neemt de werkgever de nodige technische of organisatorische maatregelen opdat de CO2-concentratie in deze werklokalen lager is dan 800 ppm, tenzij deze kan aantonen dat dit om objectieve en gegronde redenen niet mogelijk is. In elk geval mag de CO2-concentratie in deze werklokalen nooit hoger zijn dan 1200 ppm.

De luchtverversing gebeurt op natuurlijke wijze of door middel van een luchtverversingsinstallatie.

Natuurlijke luchtverversing

Wanneer de omstandigheden het toelaten, mag de lucht van de werklokalen natuurlijk en volledig ververst worden door de vensters, deuren en verluchtingsopeningen open te zetten.

Kunstmatige luchtverversing

Indien een luchtverversinginstallatie wordt gebruikt, inzonderheid airconditioneringsinstallaties of mechanische ventilatie-installaties, moet deze beantwoorden aan de volgende voorwaarden:

  • ze is dermate gebouwd dat zij verse lucht verspreidt, die gelijkmatig wordt verdeeld over de werklokalen;
  • ze is dermate gebouwd dat de werknemers niet blootgesteld worden aan hinder door temperatuurschommelingen, tocht, lawaai of trillingen;
  • ze is dermate ingesteld dat de over een werkdag gemiddelde relatieve luchtvochtigheid, tussen 40 en 60% ligt, tenzij dit om technische redenen niet mogelijk is. De relatieve luchtvochtigheid mag tussen 35 en 70% liggen indien de werkgever aantoont dat de lucht geen chemische of biologische agentia bevat die een risico kunnen vormen voor de veiligheid en de gezondheid van de aanwezige personen op de arbeidsplaats;
  • ze wordt dermate onderhouden dat elke afzetting van vuil en de verontreiniging of besmetting van de installatie wordt voorkomen of dat dit vuil zo snel mogelijk wordt verwijderd of de installatie gereinigd, zodat elk risico voor de gezondheid van de werknemers door de verontreiniging of besmetting van de ingeademde lucht wordt voorkomen of beperkt;
  • storingen worden door een controlesysteem gemeld;
  • de werkgever treft de nodige maatregelen opdat de installatie regelmatig wordt gecontroleerd door een bevoegd persoon, zodat zij te allen tijde gebruiksklaar is.

Specifieke risico’s

De bepalingen in verband met ventilatie doen geen afbreuk aan de verplichting te voorzien in specifieke ventilatie- of afzuigingsystemen in de gevallen bedoeld in de bepalingen van de andere uitvoeringsbesluiten van de wet die betrekking hebben op specifieke risico’s (bijvoorbeeld: blootstelling aan chemische agentia, thermische omgevingsfactoren).

Bijkomende inlichtingen

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites