NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Chemische agentia

De bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico's van chemische agentia op het werk 

Het koninklijk besluit van 11 maart 2002 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico's van chemische agentia op het werk is de omzetting in Belgisch recht van de veertiende bijzondere Europese richtlijn 98/24/EG van de Raad van 7 april 1998 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van werknemers tegen risico's van chemische agentia op het werk. Dit besluit heft voor een groot deel de vroegere reglementering over gevaarlijke stoffen en preparaten op die vervat was in het Algemeen Reglement voor de arbeidsbescherming.

Risicoanalyse

De werkgevers zijn ertoe gehouden de risico's voor de veiligheid en gezondheid van de werknemers te evalueren die het gevolg zijn van de aanwezigheid op de arbeidsplaats van chemische agentia en de nodige preventiemaatregelen te nemen.

Onder chemisch agens verstaat men elk chemisch element of elke chemische verbinding (in zuivere vorm of in een mengsel) zoals deze in natuurlijke staat voorkomt of het restultaat is van, gebruikt of vrijgekomen is (ook in de vorm van afval) bij een beroepsactiviteit, al dan niet opzettelijk geproduceerd en al dan niet op de markt gebracht. Onder stoffen verstaat men chemische elementen en hun verbindingen zoals ze voorkomen in natuurlijke toestand of bij het productieproces ontstaan. Preparaten zijn mengsels of oplossingen die bestaan uit twee of meer stoffen.

Om een risicobeoordeling van chemisch agentia uit te voeren, moet de werkgever o.a. rekening houden met:

  • hun gevaarlijke eigenschappen;
  • informatie betreffende veiligheid en gezondheid die hij bij de leverancier moet inwinnen;
  • het niveau, de aard en de duur van de blootstelling via het ademhalingsstelsel, de huid en andere blootstellingswijzen;
  • de omstandigheden tijdens werkzaamheden waarbij chemische agentia betrokken zijn;
  • de eventuele grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling of biologische grenswaarden.

Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling

De lijst van grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling aan chemische agentia werd opgenomen in bijlage I van het koninklijk besluit: lijst van grenswaarden (PDF, 919 KB).

Met het doel deze lijst te wijzigen of aan te vullen, is voor een aantal chemische agentia sinds 15 februari 2010 een derde publieke raadplegingsprocedure gestart betreffende de wetenschappelijke evaluatie van het gezondheidseffect van de blootstelling aan deze agentia en de haalbaarheidstoetsing. Zie in de module “Procedures en formulieren”: Publieke raadplegingsprocedure betreffende grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling.

Afwijkingen en kennisgevingen

Het aanwenden van bepaalde chemische agentia is verboden. De federale minister van Werk kan onder bepaalde voorwaarden een afwijking van dat verbod toestaan (benzidine, vrij siliciumdioxide, ...), in bepaalde gevallen na het advies van de Algemene Directie Humanisering van de Arbeid.

Het aanwenden van bepaalde stoffen en preparaten (waterstofcyanide, ...) kan slechts gebeuren na schriftelijke kennisgeving aan de Algemene Directie Toezicht op het Welzijn op het Werk.

Adviezen van de Hoge Raad voor preventie en bescherming op het werk

REACH (Registratie, Evaluatie en Autorisatie van CHemische stoffen)

De Europese REACH verordening legt de industrie verplichtingen op om chemische stoffen te registreren, het veilig gebruik ervan te beoordelen en in bepaalde gevallen te laten vergunnen, alsook een aantal beperkingen in het gebruik ervan. Alle bestaande en alle nieuwe chemische stoffen moeten geregistreerd worden bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA). Iedere lidstaat van de Europese Unie heeft een officiële REACH-helpdesk. De Belgische REACH-helpdesk helpt de Belgische bedrijven om hun verplichtingen en verantwoordelijkheden te begrijpen.

De Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 (REACH) (PDF, 2,64 MB) is op 1 juni 2007 in werking getreden. De meeste van haar verplichtingen nemen een aanvang vanaf 1 juni 2008.

REACH heeft niet uitsluitend gevolgen voor de stoffenproducenten uit de scheikundige sector, maar alle producenten, importeurs en gebruikers van stoffen in alle sectoren worden er eveneens door betrokken.

Eén van de belangrijkste kenmerken van REACH bestaat erin dat de industrie een grotere verantwoordelijkheid krijgt voor de veiligheid van de producten. Dit gebeurt vooral door het omkeren van de bewijslast bij het toekennen van vergunningen en door een verdeling van de verantwoordelijkheid over de verschillende schakels in de productieketen.

REACH verandert de huidige situatie fundamenteel omdat de industrie de verantwoordelijkheid krijgt om de gevaren in te schatten en om maatregelen in te voeren die leiden tot risicobeperking.

Hoewel de reglementaire beschikkingen in de Codex over het welzijn op het werk door REACH geenszins worden afgezwakt of gewijzigd, heeft REACH veel aspecten die onrechtstreeks met het welzijn op het werk hebben te maken.
Ongeacht REACH, blijft de eindverantwoordelijke voor de veiligheid en de gezondheid op de werkplaats de werkgever zelf. Door REACH krijgen fabrikanten en invoerders echter specifieke verantwoordelijkheden toebedeeld. De uitoefening van deze verantwoordelijkheden hebben hun weerslag op de beoordeling van de veiligheid en de gezondheid op de werkplek en de daaruit voortvloeiende te nemen preventieve maatregelen.

REACH legt op dat de industrie alle bestaande en alle nieuwe stoffen registreert bij een nieuw hiertoe opgericht Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) met zetel te Helsinki.

Voor stoffen met jaarlijkse volumes van meer dan 10 ton, moet de evaluatie van het veilige gebruik ("evaluatie van de chemische veiligheid") toegelicht worden in een zogenaamd "Chemisch Veiligheidsrapport" ("Chemical Safety Report" of CSR).
De verschillende bedrijfstoepassingen moeten erin worden bepaald, samen met de blootstellingsniveaus die eruit voortvloeien. Deze blootstellingen moeten worden geëvalueerd en een DNEL (Derived No Effect Level) moet worden opgesteld. Aan de hand van deze informatie heeft de fabrikant of invoerder de verplichting een grenswaarde voor blootstelling vast te stellen. Voor bepaalde gebruiken van gevaarlijke stoffen zal bovendien een vergunning (autorisatie) aangevraagd moeten worden. Andere gebruiken zullen zelfs helemaal uitgesloten worden.

Na de eerste registratieperiode van 1 december 2010, zullen in de twee volgende registratieperiodes van 1 juni 2013 en 1 juni 2018 meer KMO’s betrokken worden. In dit kader heeft ECHA een oproep gelanceerd: REACH 2013 - Act Now for safe and competitive chemicals! 

Naast het registreren van stoffen, zal de Europese Unie ook stoffen verbieden (tenzij een autorisatie-aanvraag is ingediend en verkregen met een geldigheid van 5 jaar) of beperkingen aan de productie, het verhandelen en/of het gebruik van stoffen opleggen.

Stoffen die verboden worden, komen op bijlage XIV terecht en stoffen met beperkingen op bijlage XVII van de verordening. Deze lijsten zullen in de loop der jaren worden aangevuld.

Op de website van ECHA vindt u:

Ook zal in een aangepast veiligheidsinformatieblad worden aangegeven welke preventieve maatregelen kunnen worden genomen. Hierbij wordt rekening gehouden met de specifieke gebruikstoepassing. Verder moet de efficiëntie van de voorgestelde preventiemaatregelen worden nagetrokken. De Europese chemische federatie CEFIC heeft hierover een overzicht met voorbeelden gemaakt: REACH Risk Management Measures (XLS).

De toepassing van REACH zal in de praktijk noodzakelijkerwijze leiden tot een intense feedback tussen invoerder of fabrikant en werkgever.

Het Europees Agentschap (ECHA) heeft naast de zorg voor de administratieve, technische en wetenschappelijke uitvoering van REACH nog volgende opdrachten:

  • toezien op de consistentie van de uitvoering van REACH op Europees niveau;
  • de EU-lidstaten en -instellingen zo goed mogelijk wetenschappelijk en technisch advies verstrekken in verband met de chemische stoffen waarop REACH van toepassing is;
  • de elektronische begeleidingsdocumenten, hulpmiddelen en databanken beheren;
  • de helpdesks in de lidstaten ondersteunen en een helpdesk ter beschikking stellen van registranten;
  • informatie over chemische stoffen voor iedereen toegankelijk maken.

Art. 124, tweede lid van REACH bepaalt dat de lidstaten nationale helpdesks instellen om de fabrikanten, importeurs, gebruikers en overige belanghebbenden informatie te verstrekken over hun respectieve verantwoordelijkheden en verplichtingen binnen het kader van REACH, met name wat de registratie van de stoffen betreft.
De Belgische nationale helpdesk werd opgericht binnen de FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie en vervult de bovenvernoemde rol als enig aanspreekloket.

CLP (Classification, Labelling en Packaging van Stoffen en mengsels)

De Europese CLP verordening legt de industrie verplichtingen op om chemische stoffen en mengsels in te delen, te etiketteren en te verpakken volgens deze nieuwe regels. De nieuwe CLP-indeling dient voor 3 januari 2011 aangemeld te worden bij het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA). Voor sommige stoffen, zoals kankerverwekkende, mutagene en reproductietoxische stoffen (CMR) is er ook een verplichting tot geharmoniseerde indeling. Iedere lidstaat van de Europese Unie heeft een CLP-helpdesk die meestal dezelfde zal zijn als de officiële REACH-helpdesk.

De Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 (CLP) is op 20 januari 2009 in werking getreden. De verplichtingen voor stoffen dienen ten laatste op 1 december 2010 toegepast te worden en deze voor mengsels dienen ten laatste op 1 juni 2015 toegepast te worden. Bij de eindgebruikers kunnen nog 2 jaar extra de oude etiketten aangetroffen worden, vooraleer deze dienen hergeëtiketteerd te worden.

Visueel zijn de belangrijkste aanpassingen dat de vierkante vormen met oranje achtergrond worden vervangen door ruitvormige, roodomrande pictogrammen met witte achtergrond. Het Sint-Andreaskruis wordt een uitroepteken en er zijn 2 nieuwe pictogrammen, nl. deze voor gassen (GHS-04) en het “silhouette” (GHS-08). Onder dit pictogram komt gevaar of waarschuwing als signaalwoord. De gevarenaanduiding en veiligheidsaanbeveling, de oude R- en S-zinnen, worden H- en P-zinnen.

De 15 bestaande gevaarsindelingen worden vervangen door 28 gevarenklassen die onderverdeeld worden in gevarencategorieën. Ook de indelingscriteria veranderen. Voor de fysische eigenschappen worden de grenzen voor vlampunten 23°C en 60°C i.p.v. 21°C en 55°C. Ontvlambare vloeistoffen categorie 3 (vlampunt 60°C) krijgen nu een pictogram (GHS-02). Voor toxicologische eigenschappen zijn de grenzen van giftigheid ook aangepast. Kankerverwekkende, mutagene en reproductietoxische stoffen (CMR), inhalatie-alergenen, doelorgaantoxiciteit en aspiratietoxiciteit krijgen het nieuwe pictogram “silhouette” (GHS-08).

Terminologisch wordt aangeknoopt bij de definities van REACH en worden enkele nieuwe definities ingevoerd. Het oude begrip preparaat wordt nu een mengsel. De terminologie van CMR categorie 1, 2 en 3 verandert naar CMR categorie 1A, 1B en 2.

In tabel 3.1 van deel 3 van bijlage 6 worden de nieuwe CLP-indelingen van een 4000-tal stoffen opgegeven. Tabel 3.2 is de oude indeling die op termijn zal verdwijnen. Bijlage 7 geeft de omzettingstabel van de oude indeling naar de nieuwe CLP-indeling. Gezien criteria veranderd zijn, is dit geen één op één conversie maar een minimale conversie. Op termijn kunnen dus strengere CLP-indelingen volgen.
Meer en meer mengsels zullen ook gevaarlijk(er) ingedeeld worden. Daarom zal ook de impact van CLP veel groter zijn bij downstreamgebruikers zoals formulatoren in vergelijking met REACH. Men heeft wel tijd tot juni 2015 om het etiket aan te passen.

De FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg heeft een folder gemaakt die de oude en nieuwe indelingen weergeeft. De folder is elektronisch beschikbaar in de module Publicaties: Gevaarlijke stoffen: overzicht oude en nieuwe indeling.

De transportpictogrammen blijven wel bestaan en hebben voorrang op CLP-pictogrammen. Er moeten dus geen dubbele pictogrammen gekleefd worden.
In het veiligheidsinformatieblad dienen in een overgangsfase tot juni 2015 de oude en de nieuwe CLP-indeling van de stoffen vermeld te worden. Na die datum wordt zowel op de verpakking als in het veiligheidsinformatieblad van stoffen en mengsels enkel de CLP-indeling vermeld.

Het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) speelt niet enkel bij REACH maar ook bij CLP een rol. ECHA zal begin 2011 een inventarislijst met CLP-indelingen publiek maken. Om de industrie te ondersteunen zijn er flyers, richtsnoeren en guidance-documenten opgemaakt.

Artikel 44 van CLP bepaalt dat de lidstaten nationale helpdesks instellen om de fabrikanten, importeurs, gebruikers en overige belanghebbenden informatie te verstrekken over hun respectieve verantwoordelijkheden en verplichtingen binnen het kader van CLP.

De Belgische nationale helpdesk werd opgericht binnen de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en vervult de bovenvernoemde rol als enig aanspreekloket.
Tevens dienen de lidstaten het orgaan aan te wijzen die verantwoordelijk is voor het ontvangen van informatie in verband met de gezondheid, met het oog op respons in noodgevallen. In het verleden is dit uitgeoefend door het Antigifcentrum.

Hoewel de reglementaire beschikkingen in de Codex over het welzijn op het werk door CLP geenszins worden afgezwakt of gewijzigd, heeft CLP veel aspecten die onrechtstreeks met het welzijn op het werk hebben te maken. Zo zijn er verwijzingen van indelingen in de richtlijnen 92/58/EEG, 92/85/EEG, 94/33/EEG, 98/24/EG en 2004/37/EG. Eind december 2009 is er een consultatie opgestart om te bepalen hoe deze richtlijnen dienen aangepast te worden.

Adviezen van de Hoge Raad voor preventie en bescherming op het werk

Bijkomende inlichtingen

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites