NL | FR | EN | DE
Contact | Nieuws | Nieuwsbrief | Geavanceerd zoeken     .be
Naar Startpagina
Zoeken

Sociale Maribel

 

Het doel van de sociale Maribel is het bevorderen van de tewerkstelling in de non-profitsector door de creatie van bijkomende arbeidsplaatsen, teneinde tegemoet te komen aan de noden van de sector en zo de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren.
De werkgevers creëren nieuwe arbeidsplaatsen gefinancierd via patronale bijdrageverminderingen die vooraf werden gemutualiseerd bij de fondsen sociale Maribel.

Wettelijke basis:

  • Artikel 35, § 5, van de wet van 29/06/81 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor werknemers (B.S. 02/07/1981).
  • Koninklijk Besluit van 18/07/2002, houdende maatregelen met het oog op de bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector (B.S. 22/08/2002), herhaaldelijk gewijzigd.

Wat is de sociale Maribel?

Iedere werkgever die behoort tot de non-profitsector heeft recht op een forfaitaire vermindering van RSZ bijdragen voor elke werknemer die, in de loop van een trimester, minstens halftijds tewerkgesteld is (33% in het geval van de beschutte werkplaatsen).

Deze forfaitaire vermindering blijft niet automatisch bij de werkgever. De werkgever zal deze forfaitaire vermindering storten aan de RSZ, waarna zij wordt getransfereerd naar de verschillende sectorale fondsen sociale Maribel (principe van de mutualisering). Daarna, kan de werkgever een financiële tussenkomst toegekend krijgen door het fonds sociale Maribel teneinde een nieuwe arbeidsplaats te creëren.

Alleen de werkgevers die een aanvraag hebben ingediend bij het bevoegde fonds sociale Maribel, kunnen genieten van de voordelen van de sociale Maribel. De Fondsen komen tussen volgens vooraf bepaalde criteria.
Alle werkgevers uit de sector kunnen aanvragen indienen met het oog op de financiering van één of meerdere bijkomende arbeidsplaatsen. Indien het aantal ontvankelijke aanvraagdossiers hoger is dan de beschikbare middelen, zal de toekenning van jobs gebeuren door de beheerscomités van de verschillende fondsen. De beslissing van het beheerscomité moet gebeuren op basis van objectieve criteria. Het bepalen van deze criteria wordt grotendeels overgelaten aan de beheerscomités van de onderscheiden fondsen, al voorziet het koninklijk besluit van 18 juli 2002 als kadercriteria voor de federale sectoren het verlagen van de werkdruk, het verbeteren van de intensiteit en de kwaliteit van de zorg en de dienstverlening, en het optimaliseren van het comfort van de patiënten of cliënten.

Het gaat dus om een onrechtstreekse en voorwaardelijke bijdragevermindering aangezien de werkgever niet automatisch en niet systematisch geniet van een tussenkomst in het kader van de sociale Maribel.

De cumul van bijdrageverminderingen met de bijdragevermindering "sociale Maribel"

De werkgever moet rekening houden met de bijdragevermindering sociale Maribel om het bedrag aan overige bijdrageverminderingen waarop hij recht heeft te bepalen. Men heeft immers te maken met een cascadesysteem. De sociale Maribel is prioritair ten opzichte van de andere bijdrageverminderingen. Enkel indien een saldo aan RSZ bijdragen rest, na aftrok van de sociale Maribel, kan de werkgever genieten van de structurele bijdragevermindering of van een doelgroepvermindering.

De bijdragevermindering sociale Maribel is cumuleerbaar met:

  1. De structurele bijdragevermindering en één enkele doelgroepvermindering.
    Deze doelgroepverminderingen zijn onder meer:
    • Eerste aanwervingen;
    • Collectieve arbeidsduurvermindering;
    • Herstructureringen.
     
  2. Éen enkele andere vermindering van de werkgeversbijdragen, dan bedoeld in punt 1.

De bijdragevermindering sociale Maribel is niet cumuleerbaar met:

  • De vrijstelling van werkgeversbijdragen voor gesubsidieerde contractuelen (gesco's);
  • De vrijstelling van werkgeversbijdragen voor contractuelen aangeworven ingevolge de herverdeling van de arbeid in de openbare sector;
  • De doelgroepvermindering "langdurig werkzoekenden", in het kader van ACTIVA, SINE en doorstromingsprogramma;
  • De doelgroepvermindering "oudere werknemers";
  • De doelgroepvermindering "jonge werknemers".

Deze bestaat uit drie afzonderlijke verminderingen:

  • de doelgroepvermindering jonge werknemers - plus 18 tot min 30-jarigen
  • de doelgroepvermindering jonge werknemers - laaggeschoolden en erg laaggeschoolden
  • de doelgroepvermindering jonge werknemers - min 19-jarigen

Het cumulverbod geldt enkel voor de jonge werknemers onder A.

Het valt op te merken dat ingeval van cumul met de structurele bijdragevermindering, voor het merendeel van de social profitsectoren slechts het variabel gedeelte van de vermindering kan worden toegekend in functie van de hoogte van het loon.  Voor meer informatie wendt u tot de website van de rsz: www.rsz.be 

Nadat het fonds sociale Maribel een arbeidsplaats heeft toegekend, beschikt de werkgever over een termijn van maximaal zes maanden om de toegekende post in te vullen.

Toepassingsgebied

Vanaf 1 januari 2003 is de sociale Maribel van toepassing op:

  1. De werkgevers voor de werknemers die ressorteren onder het toepassingsgebied van volgende paritaire comités:
    • Paritair Subcomité voor de privé-ziekenhuizen (305.01);
    • Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten (305.02);
    • Paritair Comité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp(318);
    • Paritair Subcomité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp van de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest en de Duitstalige Gemeenschap(318.01);
    • Paritair Subcomité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp van de Vlaamse Gemeenschap (318.02);
    • Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten(319);
    • Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en diensten van de Vlaamse Gemeenschap (319.01);
    • Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en diensten van de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest en de Duitstalige Gemeenschap (319.02);
    • Paritair Comité voor de beschutte werkplaatsen en de sociale werkplaatsen, met uitzondering van de sociale werkplaatsen (327);
    • Paritair Comité voor de socio-culturele sector (329);
    • Paritair Subcomité voor de socio-culturele sector van de Vlaamse Gemeenschap (329.01);
    • Paritair subcomité voor de federale en bicommunautaire socio-culturele organisaties (329.03);
    • Paritair subcomité voor de socio-culturele sector van de Franstalige en Duitstalige Gemeenschap en het Waals Gewest (329.02);
    • Paritair comité voor de gezondheidsinrichtingen en diensten, met uitzondering van de werkgevers die onder de omschrijving van het paritaire subcomité voor de tandprothese vallen (330);
    • Paritair comité voor de Vlaamse welzijns- en gezondheidssector (331);
    • Paritair comité voor de Franstalige, Duitstalige en bicommunautaire welzijns-en gezondheidssector (332);
    • Paritair Subcomité voor de beschutte werkplaatsen gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap of door de Vlaamse Gemeenschapscommissie en de sociale werkplaatsen erkend en/of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap, met uitzondering van de sociale werkplaatsen (327.01);
    • Paritair Subcomité voor de beschutte werkplaatsen gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap;
    • Paritair Subcomité voor de beschutte werkplaatsen van het Waalse Gewest en van de Duitstalige Gemeenschap (327.02).


    De paritaire subcomités bedoeld onder a. en b. vallen buiten het toepassingsgebied van dit besluit vanaf de eerste dag van het kwartaal dat volgt op het kwartaal in de loop waarvan de paritaire comités bedoeld onder n., o. en p. zijn geïnstalleerd.

  2. De werkgevers die zijn aangesloten bij de Rijksdienst voor sociale zekerheid voor de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten voor het personeel dat zij aangeven onder de volgende NACE-codes : 55231; 63303; 80421; 80422; 85110; 85120; 85142 tot en met 85145; 85311 tot en met 85316; 85321 tot en met 85324; 91330; 92312; 92313; 92321; 92322; 92510; 92520; 92530; 92611, 92613 en 92621.
     
  3. De volgende openbare diensten en instellingen, voor het personeel dat zij tewerkstellen :
    • het Academisch Ziekenhuis te Gent;
    • het C.H.U. Sart-Tilman te Luik;
    • het Hôpital psychiatrique le Chêne aux Haies te Bergen;
    • het Openbaar psychiatrisch centrum te Rekem;
    • het Hôpital psychiatrique Les Marronniers te Doornik;
    • het Openbaar psychiatrisch ziekenhuis te Geel;
    • de Centrale Dienst voor sociale en culturele actie ten behoeve van de leden van de militaire gemeenschap;
    • het Nationaal Instituut voor oorlogsinvaliden, oudstrijders en oorlogsslachtoffers;
    • Kind en Gezin;
    • l'Office de la Naissance et de l'Enfance;
    • B.L.O.S.O.
     

De werkgevers

De werkgever ontvangt, per toegekende arbeidsplaats, een financiële tussenkomst van het bevoegde fonds sociale maribel die niet hoger mag liggen dan de loonkost (*) van de bijkomend aangeworven werknemer. De financiële tussenkomst van het sectorfonds wordt beperkt tot het bedrag bepaald in de toepasselijke CAO of het toepasselijke raamakkoord, en kan niet hoger liggen dan 64.937,84 EUR (geïndexeerd) per jaar.

Het brutoloon omvat het loon alsook alle vergoedingen en voordelen die aan de werknemer verschuldigd zijn door of krachtens de wettelijke of reglementaire bepalingen alsook deze verschuldigd krachtens collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten binnen het paritair orgaan waaronder de werkgever ressorteert (bijvoorbeeld vakantiegeld, eindejaarspremie).

Daarentegen zijn de kosten die niet direct verbonden zijn aan de verloning van de werknemer uitgesloten ( bijvoorbeeld : arbeidsongevallenverzekering, arbeidsgeneeskunde,…).

Sociale voordelen die toegekend zijn bij een sectorale CAO kunnen betoelaagd worden door de sociale Maribel, bijvoorbeeld een sectorale CAO die voorziet in een 100% tussenkomst in de kosten van het woon-werkverkeer met het openbaar vervoer.

De werknemers

De regels toepasselijk op de werknemers sociale Maribel zijn dezelfde als deze van de privésector (e.g. ingeval van vooropzeg,...)

Voordelen

Zoals reeds eerder gemeld (zie : wat is de sociale Maribel ?), worden de bijdragen sociale Maribel geïnd door de RSZ bij alle werkgevers die onder het toepassingsgebied van de sociale Maribel vallen. De middelen die zo worden bekomen worden door de RSZ overgemaakt aan de verschillende fondsen sociale Maribel (principe van de mutualisering van financieringsmiddelen). Daarna, kunnen de werkgevers zich de financiering van een arbeidspost laten toekennen, door het fonds sociale Maribel.

De vermindering van de werkgeversbijdragen bedraagt per trimester en per werknemer die minstens halftijds tewerkgesteld is of minstens aan 33% in de beschutte werkplaatsen 375,94 euro vanaf 1 januari 2010 en 387,83 euro vanaf 1 januari 2011.  Dit bedrag is forfaitair en is dus niet proportioneel in geval van deeltijdse tewerkstelling.
 

(*) Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder " loonkost " verstaan : het brutoloon van de werknemer verhoogd met de werkgeversbijdragen voor de Sociale Zekerheid. Het brutoloon omvat het loon alsook alle vergoedingen en voordelen die aan de werknemer verschuldigd zijn door of krachtens de wettelijke of reglementaire bepalingen alsook deze verschuldigd krachtens collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten binnen het paritair orgaan waaronder de werkgever ressorteert. (bijvoorbeeld: vakantiegeld, eindejaarspremie).

Daarentegen zijn de kosten die niet direct verbonden zijn aan de verloning van de werknemer uitgesloten (bijvoorbeeld: arbeidsongevallenverzekering, arbeidsgeneeskunde,…)

Tussenkomst van het sectoraal fonds "sociale maribel"

De financiële middelen gestort aan de sectorale fondsen "sociale Maribel" worden toegekend aan de werkgevers die een tussenkomst wensen met het oog op de creatie van een bijkomende arbeidsplaats.

De toekenning van een tussenkomst aan de werkgever hangt af van twee voorwaarden:

  • Er bestaat een CAO (privésector) in het bevoegde paritair comité, of een raamakkoord (openbare sector).
  • De tussenkomst vertaalt zich in een netto verhoging van het personeelbestand uitgedrukt in voltijdse equivalenten.

Indien de werkgever een tussenkomst wenst te bekomen, dient hij een schrijven te richten tot het bevoegde fonds sociale Maribel met de vraag of een werknemer aangeworven mag worden met steun van de sociale Maribel. De werkgever mag ook de arbeidstijd uitbreiden van een reeds in dienst zijnde werknemer. Geen enkele aanwerving mag plaatsvinden, voor het fonds aan de werkgever zijn goedkeuring heeft betekend.  Na goedkeuring door het bevoegde fonds, moet de aanwerving plaatsvinden binnen een termijn bepaald in de algemeen verbindend verklaarde CAO of in het raamakkoord. Deze termijn mag de zes maanden niet overschrijden. De tussenkomst door het fonds in de loonkosten wordt beperkt tot het bedrag bepaald in de sectorale CAO, die geen bedrag mag voorzien dat hoger is dan 64.937,84 € per jaar voor een voltijdse werknemer op het eind van de carrière. Dit bedrag wordt geïndexeerd volgens de modaliteiten en op de tijdstippen bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst toepasselijk in het paritair orgaan waaronder de werkgever ressorteert. Bijgevolg is geen enkele tussenkomst mogelijk als de loonkost deze limiet overschrijdt.

De sectorale fondsen zijn gemachtigd om onverschuldigde financiële tussenkomsten terug te vorderen wanneer blijkens de aangiften van sociale zekerheid of de documenten opgeleverd door de werkgever, blijkt dat de aan de werkgever uitbetaalde tussenkomst te hoog was. De fondsen mogen ook terugvorderen indien, na ingebrekestelling door het fonds, de werkgever de nodige gegevens niet heeft verstrekt.

Controle van de impact op de bijkomende jobcreatie

De tussenkomst van het fonds moet integraal worden besteed aan bijkomende aanwervingen. Voortaan zal de controle zich baseren op het arbeidsvolume uitgedrukt in voltijdse equivalenten. Ieder jaar, zullen de gegevens van het voorgaande jaar met betrekking tot het arbeidsvolume gecommuniceerd worden aan de cel sociale Maribel die deze zal overmaken aan de sectorale fondsen. Het beheerscomité van elk sectoraal fonds vergelijkt per werkgever het arbeidsvolume van het afgelopen jaar, met het arbeidsvolume van 2005.

Mogelijkheden tot afwijking

Indien de werkgever zich genoodzaakt ziet, ingevolge onvoorziene omstandigheden, het arbeidsvolume te verminderen, zal hij niet automatisch de toegekende tussenkomst in het kader van de sociale Maribel verliezen.
Hij kan verder genieten van financiering indien hij de twee volgende voorwaarden respecteert: De werkgever verwittigt, per aangetekend schrijven, het bevoegde fonds sociale Maribel alvorens over te gaan tot een vermindering van het arbeidsvolume en evalueert onmiddellijk de impact op de werkgelegenheid in voltijdse equivalenten. Op basis van objectieve criteria, zal het bevoegde Fonds zijn instemming betuigen of weigeren met de voorgestelde daling van het arbeidsvolume.

Indien het arbeidsvolume van het lopende jaar lager is dan het arbeidsvolume van 2005, en indien de werkgever geen afwijking van het bevoegde sectorfonds heeft bekomen met het oog op een daling van het arbeidsvolume, zal hij de bekomen tussenkomst moeten terugstorten.

De fiscale Maribel

De economische herstelwet van 27 maart 2009 voorziet dat de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing van 0,25% die toepasselijk is op het geheel van de werkgevers die begrepen zijn in het toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, op 0,75% gebracht wordt in 2009 en op 1% in 2010.

Voor de werkgevers van de werknemers die vallen binnen het toepassingsgebied van de paritaire comités en paritaire subcomités opgesomd in artikel 1, 1°, a) tot en met p) inbegrepen van het koninklijk besluit van 18 juli 2002 houdende maatregelen met het oog op de bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector, wordt een gedeelte van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing toegewezen aan de financiering van de fondsen sociale Maribel.

Voor de maanden vanaf juni 2009 tot december 2009, komt dit bedrag overeen met twee derden van vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing, te weten 0,5%.

Vanaf 2010, zal dit bedrag overeenkomen met drie vierden van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing, te weten 0,75%.

Dit bedrag wordt door de werkgever gestort aan de bevoegde ontvanger der belastingen, tegelijkertijd met de bedrijfsvoorheffing te storten aan de Schatkist.  De Schatkist transfereert de ontvangen bedragen naar de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid die deze vervolgens verdeelt onder de begunstigde fondsen sociale Maribel.

Een nieuwe code 47 werd ingevoerd door de fiscus in de rubriek « aard van de inkomsten » van de aangifte 274 van bedrijfsvoorheffing.  Deze code zal aan de fiscus toestaan te bepalen dat het een werkgever van de privé non-profitsector betreft.

De eerste ramingen tonen aan dat de fondsen sociale Maribel voor eind 2010 gestijfd zullen worden met meer dan 72 miljoen euro extra, wat zeer omvangrijke jobcreatie in de betrokken sectoren zal toelaten.

Volgens het principe van de sociale Maribel, zal het prioritair doel van de toewijzing van de financiële middelen moeten bestaan uit bijkomende jobcreatie.  Aldus, zullen de financiële middelen die worden gegenereerd door deze maatregel ten belope van minimaal 80% gebruikt moeten worden voor bijkomende jobcreatie, de overige 20% kan eventueel gebruikt worden voor een verhoging van het plafond van de tussenkomst in het loon.

Voor het fonds sociale Maribel van de overheidssector, is beslist een compensatiebedrag te voorzien, bovenop de gewone dotatie, ten belope van 19,36 miljoen euro in 2010. 

Contact

Cel sociale Maribel
Ernest Blerotstraat 1
1070 Brussel
Tel : Frederik SCHEERLINCK (N) 02/233.48.92
E-mail : Frederik.SCHEERLINCK@werk.belgie.be 

Om de toekenningscriteria van elk sectorfonds te kennen, kan u contact opnemen met het bevoegde fonds sociale Maribel. Hieronder staan de adresgegevens van de verschillende fondsen sociale Maribel.

Fondsen sociale Maribel van de privésector:

(S.)C. P. Naam Voorzit(s)ter Adres Tel/Fax
318.01  Fonds Sectoriel Maribel "RW-RB-CG"  Mme M. DURAY  APEF :
Square Sainctelette 13-15
1000 Bruxelles
 
02/229.32.50
02/227.59.79
 
318.02  Fonds sociale Maribel voor de Diensten Gezinszorg van de Vlaamse Gemeenschap  Mevr. A. BODE   VSPF :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/229.20.12
02/250.38.58
 
319  Fonds Sociale Maribel voor de bicommunautaire Opvoedings- en Huisvestingsinrichtingen en -diensten  Dhr. L. JAMINE  FEBI :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/227.60.00
02/227.59.75
 
319.01  Sectoraal Fonds Sociale Maribel voor de Opvoedings- en Huisvestingsinstellingen van de Vlaamse Gemeenschap  Dhr. J.P. BAUWENS   VSPF :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/227.59.74
02/250.38.58
 
319.02  Fonds Maribel social des Etablissements et Services d'Education et d'Hébergement de la communauté française, de la Région Wallonne et de la Communauté germanophone (Mirabel)  Mr Ch. MASAI  APEF :
Square Sainctelette 13-15
1000 Bruxelles
 
02/227.61.57
02/227.59.79
 
327.03  Fonds pour la promotion de l'emploi dans les entreprises de travail adapté de la Région Wallonne  Mme S. ANGELOZZI   FSPEETA :
Route de Philippeville 196
6010 COUILLET
 
 071/29.89.27 (tel) 
327.01  Vlaamse sociaal fonds ter bevordering van tewerkstelling in ondernemingen voor beschutte en sociale tewerkstelling  Dhr. W. VAN HEETVELDE  Sociaal maribelfonds
Goossensvest 34
3300 Tienen
 
016/82.51.71
016/82.76.39
 
327.02  Fonds social bruxellois "Maribel social" pour la promotion de l'emploi dans les Entreprises de Travail Adapté  Mr. M. WILLOCX  APEF :
Square Sainctelette 13-15
1000 Bruxelles
 
02/229.32.57
02/227.59.79
 
329.01  Sociaal Fonds sociale Maribel voor de Socioculturele Sector van de Vlaamse Gemeenschap  Dhr. DE. VERMEULEN   VSPF :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/229.32.46
02/250.38.58
 
329.02  Fonds Maribel social du secteur socioculturel et sportif des Communautés française et germanophone  Mr. E. MIKOLAJCZAK  APEF :
Square Sainctelette 13-15
1000 Bruxelles
 
02/229.32.57
02/227.59.79
 
329.03  Sociaal Fonds Sociale Maribel voor de socio-culturele sector  Dhr. E. BONAMI  FEBI :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/227.60.00
02/227.59.75
 
330  Fonds sociale Maribel voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten  Dhr. O. DE STEXHE   FEBI :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/227.60.00
02/227.59.75
 
331  Fonds sociale Maribel 331 - Vlaamse Welzijns- en gezondheidssector  Dhr. L. JAMINE   VSPF :
Sainctelettesquare 13-15
1000 Brussel
 
02/227.60.00
02/227.59.75
 
332  Fonds Maribel social pour le secteur francophone et germanophone de l’aide sociale et des soins de santé  Mr. Y. HELLENDORFF  APEF : Quai du Square Sainctelette 13-15
1000 Bruxelles
 
02/229.32.57
02/227.59.79
 

 

Fonds sociale Maribel voor de overheidssector

DIBISS
Mevr. Hilde Waltniel
Jozef II straat 47
1000 Brussel
Telefoon: 02/239.15.91

Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg - Gebruiksvoorwaarden - Privacy - Sitemap

AnySurfer, Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites